Richtlijnen & ventilatienormen in de sport

Vanaf 9 juni kunnen we normaal weer indoor sporten en moeten de sportclubs rekening houden met de ventilatienormen. Op 17 mei organiseerde het departement Zorg en Gezondheid een online infosessie rond COVID-19 en ventilatie. Deze infosessie is ook van toepassing voor de indoor sportinfrastructuren. Wij zetten de belangrijkste richtlijnen voor jou op een rijtje.

Infosessie rond COVID-19 en ventilatie op 17 mei

Het departement Zorg en Gezondheid wilde met deze infosessie de vertegenwoordigers van de verschillende sectoren (o.a. sport) sensibiliseren en informeren over ventilatie als preventiemaatregel tegen de verspreiding van COVID-19 in het algemeen en de nieuwe aanbevelingen in het bijzonder. 

Ventilatienormen in de sport

Vanaf 9 juni kan er normaal weer indoor gesport worden en moeten we rekening houden met de ventilatienormen. Binnen de fitness zal het gebruik van CO2-meters verplicht worden. In het basisprotocol Sport wordt de problematiek rond ventilatie ook opgenomen en volgende adviezen werden opgenomen.

Bij voorkeur laat je de activiteiten doorgaan. Als je toch binnen actief bent, hebben grote en goed geventileerde ruimtes de voorkeur. Regelmatig de ruimtes verluchten (door bv. een venster open te zetten) is altijd noodzakelijk, zeker in kleinere ruimtes of ruimtes waar geen adequaat (mechanisch) ventilatiesysteem aanwezig is.

In het protocol voor beheerders van sportinfrastructuur en op de website van het Agentschap Zorg en Gezondheid vind je heel wat nuttige tips en adviezen die je zullen helpen bij de opmaak van een implementatieplan inzake ventilatie, CO2 monitoring, …

Belangrijkste richtlijnen

Hieronder vind je enkele van de belangrijkste richtlijnen:

  • Maak een verluchtings- en ventilatieplan op. Het virus is minder actief in goed verluchte of geventileerde ruimten. Zorg voor voldoende aanvoer van buitenlucht door ventilatie (continue luchtstroom) of verluchting (openzetten ramen en deuren). Vermijd recirculatie van binnenlucht.
  • Laat ramen en deuren open staan of zorg minstens voor impulsverluchting in ruimtes waar geen of ontoereikende ventilatiesystemen in gebruik zijn. Zorg bij de wissel tussen sportgroepen voor voldoende spreiding tussen de tijdslots. Indien je niet beschikt over optimale ventilatie, laat je best minstens 15 minuten vrij tussen twee tijdslots in functie van impulsverluchting. Tijdens deze 15 minuten zet je alle beschikbare ramen en deuren gedurende 15 minuten maximaal open voor een optimale aanvoer van verse buitenlucht.
  • Zorg indien nodig volgens het implementatieplan voor een monitoring van de luchtkwaliteit om op te volgen of de voorziene ventilatie of verluchtingsacties toereikend zijn. De beste indicator voor de luchtkwaliteit is tot op heden nog steeds de CO2 concentratie. Zorg dus voor een degelijke CO2 monitoring in de sportinfrastructuur. Met betrekking tot de CO2 monitoring raden we aan om 900 ppm in te stellen als waarschuwingsniveau om de aanvoer van verse lucht te verhogen. 1200 ppm stel je best in als alarmniveau om ingrijpender maatregelen te nemen of de activiteiten, indien mogelijk, te staken. Als je niet zelf over een CO2 meter beschikt, tracht dan afspraken te maken met je lokaal bestuur of met derden om een steekproefmeting te komen uitvoeren tijdens een referentie bezetting. Dit geeft je reeds een goede inschatting van de CO2 meting tijdens een gekende standaard bezetting.
  • Als aanvullende maatregel kan optioneel gewerkt worden met luchtreinigers/luchtzuiveraars. Er zijn verschillende toestellen op de markt die op een snelle en efficiënte manier de aerosolconcentratie in de lucht kunnen reduceren. Deze toestellen zijn soms efficiënter en voordeliger dan een zware upgrade van het ventilatiesysteem in functie van een verhoogde afvoer van aerosolen.

Meer informatie